In het ED van 25 januari schrijft uw redacteur naar aanleiding van het provinciebesluit om Nuenen bij Eindhoven te voegen dat de bestuurskracht van de regio Zuidoost Brabant ernstig achterblijft bij de dynamiek van de regio en dat grootschalige herindeling hier het antwoord op zou kunnen zijn. Ik lees het met grote verwondering.

 

Op economisch gebied floreert Brainport, waarbinnen ondernemers en kennisinstellingen de krachten bundelen met gemeenten om een Nationale Actie Agenda op de bestuurstafel van het Rijk te krijgen. De gemeenten zijn uiteraard maar één van de spelers in dit veld, maar juist die samenwerking is van vitaal belang.

 

 

Daarnaast zijn er binnen het Stedelijk Gebied (Best, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Helmond, Nuenen, Oirschot, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre) vergaande afspraken gemaakt de afgelopen periode op het gebied van bedrijventerreinen en woningbouw, waarbij gewerkt wordt als ware we één gemeente. Ook over regionale voorzieningen wordt afgestemd. In deze samenwerking worden besluiten genomen (via de gemeenteraden) die de ondersteuning vormen voor een succesvolle ontwikkeling van onze regionale economie; dit vergroot onze gemeentelijke slagkracht.

 

Maar dit is slechts één kant van de medaille. We hebben als gemeenten naast deze faciliterende rol op gebied van economie ook een taak op gebied van zaken als publieksdienstverlening, beheer openbare ruimte en niet te vergeten het sociaal domein. Vooral richting onze kwetsbare inwoners die vanwege financieel gebrek, lichamelijke of fysieke beperkingen gemeentelijke ondersteuning behoeven. En wat is er dan prettiger dan dat de gemeente niet een moloch op afstand is, maar een menselijk gezicht dichtbij?

 

Wetenschappelijk onderzoek heeft al meermalen aangetoond dat de ideale grootte van een gemeente 40.000-70.000 inwoners is. Klein genoeg om de mensen echt te kennen en groot genoeg om de enorme diversiteit van taken op het gemeentelijk bordje aan te kunnen. Het is aangetoond dat een grote gemeente niet leidt tot minder, maar juist tot méér bureaucratie. Van efficiency of kostenbesparing is dan ook geen sprake.

 

De nieuwe economie is een deeleconomie waarin samenwerking centraal staat. Laten we daarop inzetten in plaats van volstrekt overbodige structuurdiscussies te voeren. Voor mij is het duidelijk: Veldhoven moet absoluut samenwerken, maar een grootschalige herindeling daar schieten onze inwoners, zowel financieel als qua dienstverlening, helemaal niks mee op!

 

Mariënne van Dongen-Lamers

Lijsttrekker GBV