In het ED van 26 juni is een verkorte weergave opgenomen van de discussie tijdens de raadsavond op 25 juni in Veldhoven over de Voorjaarsnota.  Het citaat dat mij in de mond wordt gelegd en de rest van het stuk laten onderbelicht wat de kern van de zaak is. Dat de gemeente Veldhoven een zware bezuinigingsopdracht wacht, is helder. De manier waarop die ingevuld moet gaan worden is dat nog niet. De discussie over het subsidiekortingspercentage voor de ouderenorganisaties is slechts een illustratie van hoe lichtzinnig er door college en coalitiepartijen met vrijwilligers wordt omgegaan.

 

 

Bij bezuinigingen gaat het namelijk niet alleen om geld, maar ook om de inzet van het menselijk kapitaal. De vrijwillige ouderenorganisaties, maar ook vele andere instellingen en verenigingen die actief zijn in Veldhoven, kunnen hun bijdrage leveren op velden, waarop de gemeente niet langer zelf actief kan zijn als gevolg van het gebrek aan middelen. In plaats van die netwerken actief te benutten en in te zetten in het maatschappelijk veld, is er nu besloten tot een symbolische bezuiniging van zo’n €6.000,-.

 

Bezuinigd op geld is er nu dus, maar er is ook bezuinigd op betrokkenheid van een grote groep vrijwilligers die zich dagelijks inzetten om hun kwetsbaarder leeftijdsgenoten bij te staan.  Want nee, er wordt niet alleen gesjoeld en gewandeld door de vrijwillige ouderenorganisaties. Er vindt huisbezoek plaats, mensen worden betrokken en geïnformeerd over allerlei zaken die komen kijken bij het ouder worden en het langer zelfstandig wonen.  Een gemiste kans is het dat de gemeente Veldhoven deze actieve vrijwilligers niet de erkenning geeft die ze verdienen en minimaal ondersteunt om hun activiteiten in de wijk zelf  te kunnen uitvoeren.

 

Het besluit van dinsdagavond reikt dus verder dan alleen de ouderenorganisaties. Het laat ook zien wat voor waarde er gehecht wordt aan betrokken inwoners, wat draagvlak betekent voor dit college en de coalitiepartijen. Het is bijzonder  jammer dat we elkaar daarin niet hebben kunnen vinden en dat doet vrezen voor het komende bezuinigingstraject.

 

 

Mariënne van Dongen

Raadslid GBV